Extreme hitte onderstreept noodzaak van financiering voor klimaatadaptatie
Gepubliceerd: ‐ Update:
Wie de afgelopen weken thuis zat, merkte het direct: het was op veel plekken simpelweg snikheet. In duizenden woningen liep de temperatuur flink op en koelden slaapkamers ’s nachts nauwelijks meer af. Veel huizen lijken niet gebouwd voor de zomers die we tegenwoordig meemaken. Door klimaatverandering krijgen we steeds vaker te maken met langdurige hitte, droogte en extreme regenbuien. Ook het KNMI en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) wijzen erop dat de gevolgen daarvan steeds nadrukkelijker voelbaar worden in de gebouwde omgeving. De vraag is daarom niet alleen hoe we woningen energiezuiniger maken, maar ook hoe we ze leefbaar en toekomstbestendig houden.
Tegen die achtergrond pleit De Hypotheekshop ervoor om klimaatadaptieve maatregelen een vaste en herkenbare plek te geven binnen het hypotheekaanbod van geldverstrekkers. “De focus ligt nu vooral op energiebesparing, terwijl huiseigenaren steeds vaker investeren in maatregelen die hun woning beter bestand maken tegen hitte, droogte en extreme neerslag. Juist voor die investeringen ontbreekt nog een duidelijke en breed beschikbare financieringsroute”, aldus Martin Hagedoorn van De Hypotheekshop.
Consumenten kijken verder dan energiebesparing en willen ook bescherming tegen hitte en wateroverlast
Voor energiebesparende maatregelen bestaan inmiddels duidelijke financieringsmogelijkheden. Zo kunnen consumenten via het Energiebespaarbudget onder voorwaarden extra lenen voor bijvoorbeeld isolatie of zonnepanelen. Energiebesparende maatregelen krijgen in de hypotheekregels extra ruimte, omdat ze naar verwachting leiden tot een lagere energierekening. Die lagere maandlasten maken het verantwoord om iets meer te lenen.
Tegelijkertijd groeit de belangstelling voor maatregelen die woningen beter bestand maken tegen hitte, droogte en wateroverlast. Denk aan buitenzonwering, groene daken, extra groen rondom de woning, wateropvang, naast aandacht in kwetsbare gebieden voor fundering en bodemgesteldheid. Dat zijn logische investeringen in een toekomstbestendige woning, maar ze passen niet vanzelfsprekend binnen bestaande verduurzamingsregelingen. Het rendement zit hier vooral in risicobeperking, comfort en waardebehoud, en past daarom minder makkelijk in de toetslogica van extra leencapaciteit.
Geef klimaatadaptatie een eigen plek in de hypotheek
Ook de RVO constateert dat klimaatadaptatie om een bredere set maatregelen vraagt dan alleen energiebesparing.
De markt laat bovendien zien dat dit mogelijk is. Zo laten Achmea (Syntrus Achmea en Attens Hypotheken) en ASN Bank al zien dat klimaatadaptieve maatregelen financierbaar zijn. Achmea biedt daarvoor een Groen Leningdeel met 0,5% rentekorting, terwijl ASN met ASN Duurzaam Wonen een leningdeel met lagere rente biedt. Door klimaatadaptieve maatregelen te koppelen aan een apart leningdeel of rentekorting, wordt niet alleen de financiering mogelijk gemaakt, maar ontstaat ook een concreet rendement voor de consument in de vorm van lagere maandlasten en een toekomstbestendigere woning.
Breder kijken naar woningkwaliteit
Momenteel ligt de focus in de hypotheekbranche nog vooral op het informeren van kopers over klimaatrisico’s zoals overstroming, funderingsschade en hittestress bij de aankoop van een woning, maar een toekomstbestendige woning is meer dan een energiezuinige woning. Daarom verdient klimaatadaptatie een vaste plek naast verduurzaming, zodat woningeigenaren overal in de markt toegang krijgen tot passende financieringsoplossingen voor maatregelen die hun woning voorbereiden op het klimaat van de toekomst. Dat is een win-win voor consument én geldverstrekker/NHG: de bewoner woont prettiger en toekomstbestendiger, terwijl de woning en daarmee het onderpand minder kwetsbaar wordt voor klimaatrisico’s.
“Een toekomstbestendige woning is meer dan een energiezuinige woning”, stelt Martin Hagedoorn van De Hypotheekshop. “Ook maatregelen die woningen beschermen tegen hitte, wateroverlast en droogte verdienen een duidelijke plek binnen de hypotheekmarkt.”