Tien procent pensioen ineens opnemen: kans of valkuil?
Gepubliceerd:
• Neveneffecten overzien en zorgplicht invullen van groot belang
• Aangenomen wet heeft grote impact op toekomstige hypotheekverstrekkingen
Vanaf 2029 maximaal 10 procent pensioen ineens opnemen
De Eerste Kamer heeft ingestemd met de Wet herziening bedrag ineens. Daardoor krijgen mensen bij pensionering vanaf 2029 de mogelijkheid om maximaal 10 procent van hun ouderdomspensioen in één keer op te nemen. Het bedrag mag vrij worden besteed, bijvoorbeeld aan het aflossen van de hypotheek, het verduurzamen of verbouwen van de woning, zorgkosten of een andere grote uitgave zoals een reis. Daarmee krijgen pensioendeelnemers meer keuzevrijheid over hun eigen pensioenvermogen. Maar die vrijheid kent ook een keerzijde: wie een deel van zijn pensioen naar voren haalt, krijgt daarna levenslang een lager pensioeninkomen. En dat kan later ook doorwerken in de hypotheekruimte.
Aflossen kan aantrekkelijk lijken
Voor huiseigenaren kan de regeling op het eerste gezicht aantrekkelijk zijn. Zeker bij een aflossingsvrije hypotheek of relatief hoge maandlasten kan een eenmalige aflossing zorgen voor lagere woonlasten en meer financiële rust. Ook voor mensen die hun woning willen aanpassen aan een nieuwe levensfase, bijvoorbeeld door te verduurzamen of levensloopbestendig te verbouwen, kan het bedrag ineens een nuttig instrument zijn. Hypotheekadviseurs zien de regeling daarom niet per definitie als een negatieve ontwikkeling. Zij wijzen erop dat extra keuzevrijheid kan helpen bij financiële planning rond pensionering. De vraag is alleen of consumenten de gevolgen goed genoeg kunnen overzien.
Geen bonus, maar lager pensioen
Daar zit volgens hypotheekadviseurs het grootste risico. Het bedrag ineens is geen bonus, maar een voorschot op toekomstig pensioen. Tegenover het directe bedrag staat een blijvend lager ouderdomspensioen. Ook kan de keuze gevolgen hebben voor het partnerpensioen, de belastingdruk, heffingskortingen en inkomensafhankelijke regelingen zoals zorgtoeslag of huurtoeslag. Omdat het opgenomen bedrag meetelt als inkomen in het jaar van uitbetaling, kan iemand in een hoger belastingtarief terechtkomen of minder recht hebben op kortingen en toeslagen. Het netto bedrag dat overblijft, kan daardoor lager zijn dan vooraf gedacht. Vooral mensen met een kleinere beurs lopen risico. Juist zij kunnen geneigd zijn het bedrag op te nemen voor directe uitgaven of schulden, terwijl zij vaak ook minder pensioen hebben opgebouwd en een verlaging van het toekomstige inkomen harder voelen.
Vragen voor hypotheekmarkt
Ook voor de hypotheekmarkt roept de regeling vragen op. Als iemand 10 procent van het pensioen opneemt, daalt het toekomstige pensioeninkomen. Dat kan gevolgen hebben voor de leencapaciteit bij een latere verhuizing, verbouwing of aanvullende financiering. Geldverstrekkers zullen moeten bepalen hoe zij met deze nieuwe onzekerheid omgaan. Gaan zij bij de toetsing uit van het volledige pensioeninkomen, of houden zij standaard rekening met de mogelijkheid dat een deel ineens wordt opgenomen? Dat laatste heeft gevolgen voor alle woningeigenaren en -kopers in de leeftijd vanaf midden vijftig, omdat er al vanaf dat moment rekening wordt gehouden met het inkomen op pensioendatum. Dus ook voor mensen die uiteindelijk géén bedrag ineens opnemen. En mag een toekomstige aflossing met het bedrag ineens al worden meegenomen in een hypotheekadvies? Voor hypotheekadviseurs is duidelijk dat dit geen keuze is die consumenten op gevoel zouden moeten maken.
Wetgeving vraagt bredere blik
De invoering van het bedrag ineens laat volgens De Hypotheekshop zien dat wetgeving beter moet worden doordacht op neveneffecten. Besluiten in het ene domein kunnen later grote gevolgen hebben in een ander domein. Dat gebeurde eerder bij de sluiting van bejaardenhuizen, die de doorstroming op de woningmarkt raakte, en bij het afschaffen van de basisbeurs, waardoor starters minder hypotheekruimte kregen. Ook beperkingen rond aflossingsvrije hypotheken en het uitblijven van tijdig beleid voor het aflopen van de hypotheekrenteaftrek kunnen doorwerken in de positie van doorstromers en woningeigenaren. Bij het pensioenbedrag ineens speelt hetzelfde risico: een maatregel die keuzevrijheid moet bieden, kan zonder goede randvoorwaarden leiden tot lagere pensioeninkomens, minder hypotheekruimte en nieuwe kwetsbaarheden.
Zorgplicht voor overheid en sector
De mogelijkheid om een deel van het pensioen ineens op te nemen vraagt om zorgvuldige keuzebegeleiding. Niet omdat de regeling op zichzelf verkeerd is, maar omdat de gevolgen verder reiken dan het bedrag dat iemand op de rekening ontvangt. Gebruik pensioen ineens daarom niet op gevoel of als ‘extraatje’, maar alleen als onderdeel van een breed financieel advies waarin hypotheek, pensioen, belasting, toeslagen, partnerpensioen en toekomstige leencapaciteit samen worden doorgerekend. Een gratis rekentool is hiervoor ontoereikend. Pensioenuitvoerders, overheid, toezichthouders en financiële sector hebben hierin gezamenlijk een zorgplicht.